Artskeslied

op de muziek van Luigi Denza: “Funiculi, funicula”…!

Eerste Refrein:

Bompa, bomma, Marie en Giljom!
Bompa, bomma, daar lag onze bron,
en nonkel Toine en tante Liz’ en nonkel Charles en tant’ Margriet,
en nonkel Ri en tante Jeanne en nonkel Paul en tante Jos,
en nonkel Jom en nonk’ Louis en nonkel Ri was nummer drie,
en nonkel Georges en tant’ Elzá en nonkel Fa en tant’ Lily,
en nonkel Jef en tante Miet…….
deden om ter best, want anders waren wij hier niet !

Antoine als eerste mocht met vader werken… één van de vier!
Als ‘t oorlog was, moest hij op ‘t front gaan vechten… werd officier.
Een eerste tweeling is er heel rap welkom… een goed begin!
was ook de eerste nonkel met een zwemkom… met water in !

De kleinste van de hoop, maar niet de stilste… was nonkel Charles!
Om velerlei verdiensten werd hij Ridder… van ‘t Heilig Graf
Een hart van koekebrood voor de ‘verworden’… OCMW !
En daarmee is hij honderd jaar geworden… Ole! Ole!

En tussen al die zonen ook een dochter… zo heel alleen!
waarmee de ouders dolgelukkig pochten… ‘t was er zo één!
een tweede moeder voor de negen broertjes en of ze ‘t kan!
met hoog moreel gezag en rozenhoedjes… ons ‘Tante Jeanne’

Een steunpilaar en toeverlaat voor allen… was nonkel Pol
vrijgevig tot en met en boven alles… vertrouwensvol
zijn vrouwke, één uit duizend, was niet anders… met gulle lach
altijd weer blijgezind als zij de and’ren… gelukkig zag!

Louis en Jom in zwarte toog naar Drongen… in d’Oud Abdij!
en Ri koos voor een plek waardat ze zongen… werd Norbertijn!
Met d’ eerste twee floreerden ze de bonden… van ‘t Heilig Hart
en Ri geliefd pastoor bij ‘t volkske van de… Dambruggestraat!

De eerste die nu volgt, mocht toch weer trouwen… en zonder spijt!
zes dochters, éne zoon en moeder-vrouw nog… top kwaliteit!
Wie denkt ge mocht er in dat huis beslissen?… de vrouwen toch !
Maar wie stond er model “Caesar en Slissen”… ‘t was nonkel Georges!

Een stroofje meer dat mag voor de twee jongsten… Jef en de Fa!
Studeerden, slaagden en… dat zonder brossen… We denken da(t)
Was ‘t weer familiefeest bij een van d’Artskes… of bij Jacqmain
dan zorgden zij voor speechkes en voor fratskes… en ne quatre-mains!

En Fa was in zijn tijd voor vele spruiten… dé kinderarts
in d’ Everdijstraat met de mauve ruiten… iets heel aparts!
bouwde een heel kliniek alleen voor kind’ren… Louise Marie!
werd als een prins verzorgd door zijn beminde… Tante Lily!

De laatste, niet de minste, wel de rapste… werd advokaat
verdedigt na de oorlog de gestraften… mild en kordaat
z’n hart ging naar de “Bond Grote Gezinnen”… met wijs besef
gevierde prof op d’ Ufsia der jezuïeten… ‘t was nonkel Jef!

Het Artskeslied is uit en afgelopen… I – o vi-vat!
wie had op zoveel vriendschap durven hopen… Proficiat!
we zullen onze ouders eeuwig danken… voor hun Fiat!
en ook Ons Heer voor zoveel schoons bedanken… Magnificat!

Eindrefrein:

Samen, samen, met en voor elkaar,
feesten, jublen, danken dat is klaar,
met dik en dun, en kaal en blond, en jong en oud, en groot en klein….!
Oh wat is het fijn met de familie saam te zijn!

Uit 1946