Kleermakers G. Arts en Zonen

De eerste kleermaker

Jan Arts

De eerste voorvader kleermaker was Jan Arts (wellicht vanaf ongeveer 1835). Mogelijk leerde hij de stiel van kleermaker Joseph Van Der Veken, die getuige was bij zijn huwelijk. We lezen overigens dat zijn zoon Andreas ook in een familie van kleermakers is gehuwd.

Het Gouden Anker

Abraham Arts

Abraham Arts zette de door zijn vader Jan begonnen traditie voort. Waarschijnlijk viel er niet veel te kiezen en hielp hij zijn vader reeds van jongs af aan. Abraham en Maria woonden ondermeer in de Boeksteeg, Lepelstraat en terug in de Boeksteeg. Op 5 juli 1874 namen ze (waarschijnlijk ten gevolge van de saneringswerken) hun intrek in het huis aan de Kammenstraat 20.
In een akte, verleden voor notaris Mertens op 12 maart 1878, kochten ze “drij aanhechtige winkelhuizen met achterhuis, grond en aanhorigheden, gestaan en gelegen te Antwerpen in de Lange Ridderstraat, gemerkt n° 68, 70, 72, 74 …..voor een gezamelijke grootte van honderd negentig meter vierkant.”

Op 13 mei 1882 kochten Abraham en echtgenote een stuk bouwgrond van de Heer Hubert Pierquin (“concessionnaire des travaux d’ assainissement du quartier Saint-André, demeurant à Paris”). De bouwgrond had een oppervlakte van 85,22 vierkante meter met voorgevel aan de Kammenstraat en de Nationalestraat. Er werd 44.750,50 fr. voor betaald. De akte van aankoop, evenals een lening van 40.000 fr., werd verleden voor notaris Mertens te Antwerpen op 13 mei 1882. 25.000 frank zou Abraham lenen bij ene Florent Joseph Vrancken uit de Lange Noordstraat, en een verdere 15.000 fr. ging hij lenen bij Anna-Teresia Jansen.
De grond voor het hoekpand werd aangekocht door de Heer De Schrijver uit Brussel.
De aankoopakte hield een verplichting tot bouwen in binnen de periode van zes maanden. De beide eigenaars bouwden hun kledingzaken oorspronkelijk in eenzelfde stijl. Zo komt het dat wij de opening van de eerste kleergoedwinkel, “In het Gouden Anker”, omstreeks deze tijd moeten situeren. De naam zou gekozen zijn omdat er gemikt werd op een schippers-cliënteel. Het hoekpand werd het “Palais de la Mode”, bekend om rouwkleding.
Op 1 juli 1883 is het echtpaar Arts – Van Dessel verhuisd naar “het Gouden Anker” aan de nieuwe Nationalestraat 16.

Op de oppervlakte van het huidige Modepaleis waren er vroeger eigenlijk drie winkels: ons “Gouden Anker”, de schoenwinkel “Huis Dorekens” (ook aangetrouwde familie), en op de hoek een winkelpand genaamd “Palais de la Mode”.

Abrahams’ 2de dochter was na haar huwelijk overigens beter bekend als “Tante Jeanette van ’t Meuleken”, gehuwd met de stichter van het kleergoedmagazijn “In ’t Meuleken” aan de Kammenstraat (hoek Gierstraat), recht tegenover “het Gouden Anker”. 

Volgens de overlevering zou Abraham Arts eerst een winkel op die plaats gehad hebben om tenslotte over te laten aan zijn dochter en schoonzoon Van Noten, terwijl hij het Gouden Anker aan zijn zoon liet. Op 27 januari 1891 doen de echtgenoten Arts-Van Dessel inderdaad ten overstaan van notaris Ceulemans een belofte van verkoop van “Het Gouden Anker” aan hun zoon Guillaume.

Het Modepaleis

Willem Arts

In 1892 heeft Abraham Arts zich dan niet onverwacht uit het zakenleven terug getrokken, en de exploitatie van kleergoedwinkel “het Gouden Anker” aan diens zoon Willem verkocht voor 29.000 fr. Toen werd de huur voor het gebouw vastgesteld op 3.500 fr. per jaar. Op 16 mei 1898 volgde dan de aankoop van het gebouw “Het Gouden Anker” door Willem voor 55.000 fr.

Op 3 maart 1909 begon hij aan de uitbreiding van de zaak. Hij kocht voor 200.000 fr. van de heer Joseph De Schrijver uit Brussel het ganse hoekpand aan en ging inderdaad ook een lening aan voor 250.000 fr. De twee huurders met name Dorekens (Nationalestraat 20 en verhuisd naar de overkant) en Boeckx of Roetens (Nationalestraat 18) werden opgezegd.

In 1912 begonnen belangrijke verbouwingswerken waarbij de winkelpanden tot één geheel werden uitgebouwd onder de naam “Modepaleis”. Het dak werd voorzien van een ovale “dôme” en ook werd het massieve Zweedse graniet met de bronzen plakketten aan de gevel geplaatst. Binnen in de winkel kwam – zoals het toen in de chique magazijnen de mode was – een monumentale trap in mahonie die naar het tussenverdiep leidde en zich halverwege splitste (de trap werd spijtig genoeg bij de winkelverbouwing van 1950 uitgebroken).

Onze stamvader Willem had in die tijd geduchte concurrentie van zowel zijn zus (Giljom Van Noten – Arts “In ’t Meuleken” en zijn broer Joannes Baptist Arts – Van Noten (winkeltje in de Kammenstraat). Opmerkelijk is inderdaad dat de twee overlevende kinderen uit de familietak Van Noten – Van Steen beiden een huwelijk aangingen met een Arts uit het gezin van Abraham.

Op 15 januari 1914 volgde dan de aankoop van het tegenoverliggende hoekpand “De Biekorf” (Nationalestraat 23) voor 118.500 fr. van de erfgenamen Van Den Wyngaert, waarvoor hij weerom een lening aanging ten belopen van 100.000 fr. Deze winkel zal later (vanaf 1923) onder de naam “Sint-Andries” deel uitmaken van het familiebedrijf.

Nog voor de oorlog voorbij was, kocht Willem op 18 mei 1918 de villa te Edegem. Weldra zou hij zich ook geleidelijk uit de zaak terug trekken om zich daar definitief te vestigen.

Gebroeders Arts

Willem Arts

Op 10 juni 1921 werd de firma “G. Arts en Zonen” opgericht. Nog in 1923 kochten de zonen Antoine, Charles en Paul het andere hoekpand aan (Steenhouwersvest 54), waar een witgoedwinkel genaamd “Tisserand” en later schoenwinkel “Lathouwers” gevestigd was. Veel later zou op die plaats de nieuwbouw Arco worden opgericht.

In het jaar 1938 onderging het familiebedrijf een naamsverandering. Toen ontstond de naamloze vennootschap “Gebroeders Arts”, waar Guillaume in de akten vermeld stond als “eigenaar zonder beroep”.

Volgende generaties

In 1988 (de NV was toen reeds opgesplitst in Immobiliën en uitbating) werd een deel van de uitbating (Modepaleis en Sint Andries) aan een Nederlandse zakenman verkocht en Arco werd verder door de familie uitgebaat. Na korte tijd kocht dezelfde Nederlander de immobilière (3 winkels) en verkocht twee ervan (Modepaleis en Sint Andries). Arco bleef in uitbating tot hij ook dit pand verkocht.